Drive to survive: microfoons maken de serie

F1: Drive to survive kwam afgelopen vrijdag uit. Teams en coureurs gaven een cameraploeg van Netflix in het seizoen 2018 exclusieve toegang tot hun wereld. Het leverde een serie op die uiteindelijk gemaakt wordt door microfoontjes.

Een Netflix Originals serie over de Formule 1. Mijn hart klopte sneller toen ik voor het eerst over het nieuws las, bijna een jaar geleden. Dat moest wel gaaf worden, toch?

Eerlijk is eerlijk, het enthousiasme nam in de maanden daarna af. Als de FIA een serie laat maken over hun eigen sport, dan gaat dat vast een serie worden die vooral heel politiek correct is.

En de beelden? Ja, misschien komt die cameraploeg iets dichterbij de auto’s, maar tijdens races zie ik nu ook beelden uit de pitstraat. Nee, die docuserie zou toch niet zo bijzonder worden als ik aanvankelijk dacht.

Ik ben nu tien afleveringen verder en baal dat er geen elfde is.

Verhalen

F1: Drive to survive volgt de coureurs en teams tijdens het 2018 seizoen van de Formule 1. De makers hebben heel specifiek een aantal verhaallijnen uitgekozen: de strijd in het middenveld tussen Haas, Renault en McClaren, de relatie tussen Renault en Red Bull, de keuze van Ricciardo om Red Bull te verlaten, de strijd om het stoeltje van Force India en de battle tussen Spanjaarden Carlos Sainz en Fernando Alonso.

De verhalen worden duidelijk uitgelegd. Zowel een diehard Formule 1-fan als ik kan ervan genieten en toch denk ik dat iemand die nog niet zo bekend is met de sport de verhalen ook goed begrijpt.

Microfoons

De grootste verrassing zit ‘m in het feit dat de Netflixcrew echt heel exclusieve toegang heeft gekregen. Ze mochten teambazen en coureurs namelijk een microfoon omhangen. En dat maakt de serie.

Je hoort hoe Haas-baas Gunther Steiner na afloop van de Grand Prix in Australië een telefoontje pleegt met zijn baas, Gene Haas. Na twee mislukte pitstops ziet hij er niet goed uit. En dat realiseert Steiner zich maar al te goed. Desondanks praat hij vrijuit. De microfoon en camera registreren alles.

Dit is het soort beeld (en vooral geluid) dat je nergens anders krijgt.

Daarnaast hebben de makers op gekozen momenten ook juist heel goed voor stiltes gekozen.

Een mooi voorbeeld is het moment dat Max Verstappen en Daniel Ricciardo tijdens de Grand Prix van Azerbeidzjan crashen. De combinatie van op het juiste moment een slowmo en stilte te tonen, maken het -ondanks dat ik het al eerder zag- weer spannend om te kijken.

Slordigheden

Er zijn ook wat mindere zaken. Zo viel het mij als diehard fan op dat in een stuk over de Grand Prix van Oostenrijk Verstappen in beeld wordt gebracht met een oranje helm. Hij droeg daar echter – als wijze van bedankje richting zijn trouwe sponsor Jumbo – een gele helm. Dit zijn slordigheden die ik liever niet zie.

Ook kregen de makers geen toegang tot Ferrari en Mercedes. Dat vind ik toch wel jammer, hoewel het aan de andere kant misschien ook weer ruimte geeft aan de teams die tijdens de raceweekenden minder aandacht krijgen. Toch wil je ook zien hoe het daar achter de schermen aan toe gaat.

Nu krijg ik toch enigszins het gevoel dat Drive to survive niet helemaal compleet is.

Desondanks blijf ik verrast. Dit had ik echt niet verwacht van de serie. Het feit dat ik ‘m op één aflevering na in een dag heb uitgekeken, zegt genoeg.

Ook al ben je fan of niet, deze docuserie is het kijken meer dan waard, zeker met het nieuwe F1-seizoen in aantocht.

Heb jij de serie ook gezien? Ik ben benieuwd of je ‘t met me eens bent. Laat het me weten in de comments of op Twitter (@luuc)!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *